Gezonde levensverwachting

1. Kernboodschappen

In 2018 konden mannen van 65 jaar verwachten dat ze nog 12,5 jaar in goede gezondheid zouden leven (levensverwachting zonder beperkingen op 65-jarige leeftijd, LVZB65), en vrouwen 12,4 jaar. Tussen 2004 en 2018 is de LVZB65 toegenomen met 2,7 jaar voor mannen en 1,4 jaar voor vrouwen.
De LVZB65 is het hoogst in Vlaanderen voor mannen (in vergelijking met de twee andere gewesten), en hoger in Brussel en Vlaanderen (in vergelijking met Wallonië) voor vrouwen. De LVZB vertoont ook een belangrijke sociaaleconomische gradiënt, waarbij LVZB toeneemt met het opleidingsniveau.
LVZB bij Belgische mannen ligt op het EU-15-gemiddelde, terwijl LVZB bij Belgische vrouwen hoger is dan het EU-15-gemiddelde.

2. Achtergrond

Indicatoren van gezonde levensverwachting zijn maatstaven voor de gezondheid van de bevolking die duur en kwaliteit van leven combineren in één enkel getal. Ze omvatten een hele reeks indicatoren die uitgedrukt worden in termen van "levensverwachting in een bepaalde gezondheidstoestand" (bijvoorbeeld zonder beperkingen of met een goede ervaren gezondheid). Ze meten met andere woorden het aantal resterende jaren dat, op een bepaalde leeftijd, in deze gezondheidstoestand zal worden doorgebracht. De schatting van de gezonde levensverwachting veronderstelt dat de huige sterfte- en morbiditeitscijfers in de toekomst ongewijzigd blijven.

De sterftecijfers worden berekend op basis van exhaustieve sterftegegevens van de bevolking. De prevalentie van de morbiditeitsindicator wordt meestal verkregen uit bevolkingsonderzoeken. In dit rapport hebben we de Healthy Life Years (HLY)-indicator gebruikt op basis van het "Global Activity Limitation Instrument" (GALI) om de levensverwachting zonder beperkingen (LVZB) te beoordelen. We gebruikten voornamelijk gegevens van de Belgische Gezondheidsenquête, omdat ze regionale vergelijkingen mogelijk maken. Voor een internationale vergelijking hebben we gegevens uit de Europese enquête naar inkomsten en levensomstandigheden (EU-SILC) gebruikt, die tot kleine verschillen tussen nationale of internationale waarden hebben geleid.

Bij het schatten van LVZB volgens opleidingsniveau of gewest, wordt het proces complexer omdat de twee componenten van de indicator ook moeten berekend worden per opleidingsniveau of gewest.

In dit rapport ligt de nadruk op de trends in LVZB op de leeftijd van 65, over tijd en per gewest. Daarnaast presenteren we LVZB per opleidingsniveau op de leeftijd van 25, 50 en 65.

3. Levensverwachting zonder beperkingen

België

In 2018 bedroeg de levensverwachting zonder beperkingen op 65-jarige leeftijd (LVZB65) in België 12,5 jaar voor mannen en 12,4 jaar voor vrouwen. Van mannen en vrouwen wordt dus verwacht dat zij respectievelijk 68% en 57% van het resterende leven zonder functiebeperkingen doorbrengen. Terwijl vrouwen veel langer leven, leven ze slechts iets langer zonder beperkingen, en als gevolg daarvan leven ze meer jaren met beperkingen (zowel in absoluut aantal jaren als in % van het resterende leven).

In de periode 2001-2018 is de LVZB65 met ongeveer 3,7 jaar gestegen voor mannen en 2,7 jaar voor vrouwen.

Levensverwachting (LV) en levensverwachting zonder beperkingen (LVZB) op 65-jarige leeftijd, volgens geslacht, België, 2001-2018
Bron: Eigen berekeningen op basis van de Statbel sterftetafels [1] en de Gezondheidsenquête, Sciensano [2]

Regionale verschillen

De volgende regionale verschillen in LVZB65 worden waargenomen in België in 2018:

  • Bij mannen is de LVZB het hoogst in Vlaanderen, gevolgd door Wallonië (-0,7 jaar) en Brussel (-1,5)
  • Bij vrouwen is de LVZB hoger in Brussel en Vlaanderen dan in Wallonië (-2,7)

  • Mannen
  • Vrouwen

Levensverwachting zonder beperkingen op 65-jarige leeftijd voor mannen, volgens gewest, 2001-2018
Bron: Eigen berekeningen op basis van de Statbel sterftetafels [1] en de Gezondheidsenquête, Sciensano [2]

Levensverwachting zonder beperkingen op 65-jarige leeftijd voor vrouwen, volgens gewest, 2001-2018
Bron: Eigen berekeningen op basis van de Statbel sterftetafels [1] en de Gezondheidsenquête, Sciensano [2]

Sociaaleconomische verschillen

Er bestaan aanzienlijke sociaaleconomische ongelijkheden in LVZB op een bepaalde leeftijd, en deze zijn meer uitgesproken bij vrouwen dan bij mannen. In 2011 bedroeg de kloof in LVZB op 25-jarige leeftijd tussen laag- en hoogopgeleide groepen 10,5 jaar bij mannen en 13,4 bij vrouwen. Op 50-jarige leeftijd was het verschil ongeveer 6,7 jaar bij mannen en 7,7 jaar bij vrouwen. Op 65-jarige leeftijd bestaat deze kloof nog steeds en bereikte ze 2,5 jaar bij mannen en 4,6 jaar bij vrouwen. Relatief gezien nemen de verschillen toe met de leeftijd bij vrouwen, maar niet bij mannen.

  • Mannen
  • Vrouwen

Levensverwachting zonder beperkingen op 25-, 50-, en 65-jarige leeftijd voor mannen, volgens opleidingsniveau, België, 2011
Source: Eigen berekeningen op basis van de volkstelling 2011 gekoppeld aan het Rijksregister voor een opvolging van sterfte over een periode van 5 jaar; en de Gezondheidsenquête, Sciensano [3]

Levensverwachting zonder beperkingen op 25-, 50-, en 65-jarige leeftijd voor vrouwen, volgens opleidingsniveau, België, 2011
Source: Eigen berekeningen op basis van de volkstelling 2011 gekoppeld aan het Rijksregister voor een opvolging van sterfte over een periode van 5 jaar; en de Gezondheidsenquête, Sciensano [3]

Internationale vergelijking

De LVZB65 in België scoort gunstig ten opzichte van de andere EU-15-landen. De LVZB van de Belgische mannen ligt op het EU-15-gemiddelde, terwijl de LVZB van de Belgische vrouwen het EU-15-gemiddelde zelfs met meer dan één jaar overschrijdt (11,7 voor België versus 10,6 voor EU-15).

  • Mannen
  • Vrouwen

Levensverwachting zonder beperkingen op 65-jarige leeftijd voor mannen, EU-15, 2017
Bron: Eurostat [4]

Levensverwachting zonder beperkingen op 65-jarige leeftijd voor vrouwen, EU-15, 2017
Bron: Eurostat [4]

4. Meer info

Bekijk de metadata voor deze indicator

HISIA: Interactive Analysis of Belgian Health Interview Survey

SPMA: Standardized Procedures for Mortality Analysis

Definities

EU-15
De EU-15 komt overeen met alle landen die tussen 1995 en 2004 tot de Europese Unie behoorden: België, Denemarken, Duitsland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Ierland, Italië, Luxemburg, Nederland, Oostenrijk, Portugal, Spanje, het Verenigd Koninkrijk, en Zweden. We vergelijken de Belgische gezondheidsstatus met die van de EU-15 omdat deze landen vergelijkbare sociaal-economische omstandigheden hebben.
Global Activity Limitation Instrument (GALI)
Het Global Activity Limitation Instrument (GALI) is een instrument met één vraag om de aanwezigheid van langdurige functiebeperking te beoordelen: "In welke mate bent u gedurende ten minste de afgelopen 6 maanden vanwege een gezondheidsprobleem beperkt geweest in activiteiten die mensen gewoonlijk doen? Zou je zeggen dat je ... ernstig beperkt / beperkt maar niet ernstig / helemaal niet beperkt bent?" De vraag is ontwikkeld door het Euro-REVES-project. Het wordt gebruikt in de Belgische Gezondheidsenquête en de Europese enquête naar de inkomens en levensomstandigheden (EU-SILC).
Levensverwachting zonder beperkingen
De levensverwachting zonder beperkingen (LVZB) op een bepaalde leeftijd, ook wel gezonde levensjaren ("Healthy Life Years", HLY) genoemd, meet het aantal resterende jaren dat een persoon van die bepaalde leeftijd verwacht wordt te leven zonder beperkingen. Het combineert informatie over sterfte en ziekte / gezondheid. De prevalentiegegevens worden verkregen uit enquêtes. Afhankelijk van de gebruikte enquête, kunnen kleine verschillen worden waargenomen. In dit rapport zijn de waarden die gebruikt worden voor de regionale vergelijkingen gebaseerd op de Belgische Gezondheidsenquête, terwijl de waarden die gebruikt worden voor de internationale vergelijkingen gebaseerd zijn op de SILC-gegevens.
Levensverwachting zonder beperkingen op 25-jarige leeftijd volgens opleidingsniveau
De levensverwachting zonder beperkingen volgens opleidingsniveau worden doorgaans berekend op basis van een compilatie van verschillende databronnen. In dit rapport werd het berekend op basis van:
  1. Een koppeling en follow-up van de volkstelling 2011 met het Rijksregister, om de sterfte volgens opleidingsniveau in te schatten; en
  2. De prevalentie van beperkingen volgens de Belgische Gezondheidsenquête (2008 en 2013 gepoold).
Internationale standaardclassificatie van het onderwijs (International Standard Classification of Education - ISCED)
ISCED is de internationale standaardclassificatie om onderwijsprogramma's en onderwijskwalificaties per niveau en domein te classificeren. Ze bevat zeven categorieën:
  • 0: Kleuteronderwijs
  • 1: Lager onderwijs
  • 2: Lager secundair onderwijs
  • 3: Hoger secundair onderwijs
  • 4: Post-secundair niet-hoger onderwijs
  • 5: Hoger onderwijs - korte cyclus, bacheloropleiding, masteropleiding
  • 6: Doctoraten
Het opleidingsniveau is hier gegroepeerd in 3 categorieën:
  • Laag: Lager secundair onderwijs of lager (categorieën 0, 1, 2),
  • Intermediair: Hoger secundair onderwijs of post-secundair niet-hoger onderwijs (categorieën 3, 4),
  • Hoog: Hoger onderwijs of hoger (categorieën 5, 6).

Referenties

  1. Statbel, 2000-2018. https://statbel.fgov.be/nl/themas/bevolking/sterfte-en-levensverwachting/sterftetafels-en-levensverwachting
  2. Gezondheidsenquête: Subjectieve Gezondheid, Sciensano, 1997-2018. https://his.wiv-isp.be/nl/Gedeelde%20%20documenten/SH_NL_2018.pdf
  3. Renard F, Devleesschauwer B, Van Oyen H, Gadeyne S, Deboosere P (2019) Evolution of educational inequalities in life and health expectancies at 25 years in Belgium between 2001 and 2011: a census-based study. Arch Public Health 77:6. doi: 10.1186/s13690-019-0330-8
  4. Eurostat, 2017. http://ec.europa.eu/eurostat/fr/data/database