Vroegtijdige sterfte

1. Kernboodschappen

De voor leeftijd gecorrigeerde vroegtijdige sterfte (hier gedefinieerd als sterfte vóór 75 jaar) is tussen 2000 en 2019 met 31% afgenomen. In 2020 is de voor leeftijd gecorrigeerde vroegtijdige sterfte echter met 10% gestegen voor mannen en met 5% voor vrouwen ten opzichte van 2019.
De leeftijdsgecorrigeerde vroegtijdige sterfte is bij mannen veel hoger dan bij vrouwen (de sex-ratio was 1,7 in 2019).
In 2019 lag het voor leeftijd gecorrigeerde vroegtijdige sterftecijfer in Wallonië (+ 40%) en Brussel (+ 21%) hoger dan in Vlaanderen. Die regionale verschillen namen toe in 2020, het leeftijdsgecorrigeerde vroegtijdige sterftecijfer was 51% hoger in Wallonië en 33% hoger in Brussel in vergelijking met Vlaanderen.

2. Achtergrond

Vroegtijdige sterfte verwijst naar sterfgevallen die te vroeg plaatsvinden, dat wil zeggen op elke leeftijd lager dan de levensverwachting. Verschillende drempels kunnen worden gebruikt bij de definitie van deze indicator. In dit rapport wordt de vroegtijdige sterfte vóór de leeftijd van 75 jaar beschouwd. Het verminderen van vroegtijdige sterfte is een belangrijke doelstelling van de volksgezondheid aangezien een groot aandeel van de vroegtijdige sterfgevallen vermeden worden door acties op het gebied van de volksgezondheid.

Het bruto sterftecijfer is het aantal sterfgevallen in een bepaald jaar gedeeld door de populatiegrootte. Deze indicator is echter niet zo geschikt om de gezondheid op te volgen, omdat sterfte sterk gerelateerd is met leeftijd. Bruto sterftecijfers in verouderende populaties kunnen daarom toenemen, ook al zou de gezondheidstoestand verbeteren. Om vergelijking van sterfte-indicatoren tussen verschillende populaties of tijdsperioden mogelijk te maken, dient bijgevolg gebruik gemaakt te worden van schatters die gecorrigeerd zijn voor de leeftijdssamenstelling van de betrokken populaties. In dit rapport worden daarom ook voor leeftijd gecorrigeerde sterftecijfers gebruikt, waarbij de Europese standaardpopulatie 2010 als referentie werd gebruikt.

Naast het leeftijdsspecifieke sterftecijfer, kan de vroegtijdige sterfte ook beschreven worden aan de hand van het verlies aan potentiële levensjaren (VPLJ). Deze indicator weegt elk overlijden in functie van de leeftijd waarbij een groter gewicht wordt toegekend aan jongere leeftijden (het gewicht wordt berekend door 75 te verminderen met de leeftijd bij overlijden). In dit rapport wordt het VPLJ gebruikt om een vergelijking met andere landen mogelijk te maken. Deze indicator wordt gecorrigeerd op basis van leeftijd om de impact van verschillende leeftijdsstructuren op te vangen.

De gegevens die in deze analyse worden gebruikt, zijn hoofdzakelijk afkomstig van de sterftestatistieken van 2000 tot 2017, die bekomen zijn via de nationale database doodsoorzaken 2017 die eigendom is van Statbel. De sterfecijfers voor 2018 tot 2020 zijn daarentegen berekend op basis van de open data van Statbel [1].

3. België

Het bruto vroegtijdig sterftecijfer (0-74 jaar) was 325 per 100.000 inwoners jonger dan 75 jaar en het voor leeftijd gecorrigeerde sterftecijfer was 344 / 100.000 in België in 2019. Het leeftijdsgecorrigeerde sterftecijfer was 1,7 keer hoger bij mannen (415) dan bij vrouwen (249). Die leeftijdsgecorrigeerde sterftecijfers nemen in de loop van de tijd af; deze daling is meer uitgesproken bij mannen (-37% tussen de jaren 2000 en 2019) dan bij vrouwen (-23%).

In 2020 bedroeg het bruto vroegtijdig sterftecijfer 349 / 100.000, terwijl het voor leeftijd gecorrigeerde sterftecijfer 355 / 100.000 bedroeg in België. De leeftijdsgecorrigeerde vroegtijdige sterfte was 1,75 keer hoger bij mannen dan bij vrouwen. Dit leeftijdsgecorrigeerde sterftecijfers stegen met 10% voor mannen en met 5% voor vrouwen in vergelijking met 2019. Deze stijging kan worden verklaard door de COVID-19-epidemie.

4. Gewesten

Er zijn aanzienlijke verschillen tussen de drie gewesten in termen van leeftijdsgecorrigeerde vroegtijdige sterfte. In vergelijking met Vlaanderen werden in 2019 de volgende relatieve sterftecijfers waargenomen in de andere gewesten:

  • Wallonië: +43% voor mannen en +34% voor vrouwen
  • Brussel: +23% voor mannen en +10% voor vrouwen

Tot 2019 daalden de leeftijdsgecorrigeerde vroegtijdige sterftecijfers in alle drie de gewesten in hetzelfde tempo, met als gevolg dat de verschillen tussen Vlaanderen en de twee andere gewesten bleven bestaan.

De regionale verschillen zijn in 2020 voor beide geslachten echter groter geworden. In vergelijking met Vlaanderen waren in 2020 de volgende excessen waarneembaar:

  • Wallonië: +56% voor mannen en +45% voor vrouwen
  • Brussel: +38% voor mannen en +26% voor vrouwen

De toename van de regionale verschillen in vroegtijdige sterfte kan waarschijnlijk worden verklaard door de COVID-19-epidemie, aangezien Wallonië en Brussel zwaarder werden getroffen dan Vlaanderen (qua aantal sterfgevallen).

  • Mannen
  • Vrouwen

Voor leeftijd gecorrigeerd vroegtijdig sterftecijfer (*) bij mannen, volgens gewest, 2000-2020
Bron: Eigen berekeningen op basis van de gegevens van Statbel
(*) met de Europese standaardpopulatie 2010 als referentie

Voor leeftijd gecorrigeerd vroegtijdig sterftecijfer (*) bij vrouwen, volgens gewest, 2000-2020
Bron: Eigen berekeningen op basis van de gegevens van Statbel
(*) met de Europese standaardpopulatie 2010 als referentie

5. Arrondissementen

Kijkend naar een lager geografisch niveau, is het vrij duidelijk dat de meeste Vlaamse arrondissementen voor beide geslachten (hoewel minder uitgesproken bij vrouwen) een lager vroegtijdig sterftecijfer ervaren dan het Belgische gemiddelde. Het omgekeerde wordt waargenomen in Brussel en alle Waalse arrondissementen (behalve Nijvel voor beide geslachten). De hoogste vroegtijdig sterftecijfers bij mannen worden waargenomen in drie arrondissementen van de provincie Henegouwen. De hoogste vroegtijdige sterftecijfers voor mannen worden waargenomen in drie arrondissementen van de provincie Henegouwen (Charleroi, Bergen, Doornik). Bij vrouwen waren de arrondissementen met de hoogste sterftecijfers verdeeld over de provincies Henegouwen, Namen en Luik.

  • Mannen
  • Vrouwen

Voor leeftijd gecorrigeerd vroegtijdig sterftecijfer (°) bij mannen, volgens arrondissement, 2010-2017
Bron: Eigen berekeningen op basis van de gegevens van Statbel
(°) met de Europese standaardpopulatie 2010 als referentie; (*) significant verschillend van het gemiddelde (p<0.05); (***) significant verschillend van het gemiddelde (p<0.05) na Bonferroni-correctie

Premature mortality in men BE 2010 2016

Voor leeftijd gecorrigeerd vroegtijdig sterftecijfer (°) bij vrouwen, volgens arrondissement, 2010-2017
Bron: Eigen berekeningen op basis van de gegevens van Statbel
(°) met de Europese standaardpopulatie 2010 als referentie; (*) significant verschillend van het gemiddelde (p<0.05); (***) significant verschillend van het gemiddelde (p<0.05) na Bonferroni-correctie

Preamture mortality women BE 2010 2016

6. Internationale vergelijking

Voor de internationale vergelijking van de vroegtijdige sterfte werd het verlies aan potentiële levensjaren (VPLJ) als indicator gebruikt. België scoort op dit gebied slecht binnen de EU-15, en dit zowel voor mannen als voor vrouwen. In België was het VPLJ in 2016 (of dichtstbijzijnde jaar) 6% hoger dan het EU-15-gemiddelde bij mannen en 12% bij vrouwen.

  • Mannen
  • Vrouwen

Verlies aan potentiële levensjaren (0-75) bij mannen, EU-15, 2016 of dichtstbijzijnde jaar
Bron: Eigen berekeningen op basis van de sterftegegevens van de Wereldgezondheidsorganisatie

Verlies aan potentiële levensjaren (0-75) bij vrouwen, EU-15, 2016 of dichtstbijzijnde jaar
Bron: Eigen berekeningen op basis van de sterftegegevens van de Wereldgezondheidsorganisatie

7. Meer informatie

Bekijk de metadata voor deze indicator

Statbel: Algemene sterfte

Statbel: Open data

Sciensano: Standardized Procedures for Mortality Analysis (SPMA)

WHO: Mortality database

Definities

Bruto sterftecijfer
Het bruto sterftecijfer geeft het aantal geregistreerde sterfgevallen in een land weer gedeeld door de overeenkomstige populatiegrootte.
Voor leeftijd gecorrigeerde sterftecijfer
De voor leeftijd gecorrigeerde sterfte geeft het volgens leeftijd gewogen gemiddelde sterftecijfer weer en kan zo de verschillen te wijten aan de leeftijdsstructuur van de bevolking opvangen.
Vroegtijdige sterfte
Vroegtijdige sterfte wordt hier gedefinieerd als sterfgevallen vóór de leeftijd van 75.
Verloren potentiële levensjaren (VPLJ)
Verloren potentiële levensjaren (VPLJ) meten het aantal verloren levensjaren als gevolg van vroegtijdig overlijden. VPLJ geven een hoger gewicht aan sterfgevallen die voorkomen bij jongere dan bij oudere mensen. De berekening van VPLJ bestaat uit het optellen van sterfgevallen op elke leeftijd en het vermenigvuldigen ervan met het aantal resterende jaren tot een bepaalde leeftijd (hier, 75 jaar).

Referenties

  1. Statbel. Aantal sterfgevallen per dag, geslacht, leeftijd, gewest, provincie en arrondissement. https://statbel.fgov.be/nl/open-data/aantal-sterfgevallen-dag-geslacht-arrondissement-leeftijd