Vroegtijdige sterfte naar doodsoorzaak

1. Kernboodschappen

De oorzaken van vroegtijdige sterfte (vóór de leeftijd van 75) met de hoogste impact in termen van verloren levensjaren, zijn als volgt:
  • zelfmoord, longkanker, en coronaire hartziekte, bij mannen
  • borstkanker, longkanker, en zelfmoord, bij vrouwen.
De meeste oorzaken van vroegtijdige sterfte zijn tussen 2000 en 2016 in belang afgenomen. Dit is in het bijzonder het geval voor coronaire hartziekte en verkeersongevallen, die bij beide geslachten met meer dan 50% zijn afgenomen. Uitzonderingen op deze algemene tendens zijn longkanker en chronisch obstructief longlijden (COPD) bij vrouwen, die de afgelopen jaren stelselmatig zijn toegenomen.

2. Achtergrond

Het kader dat hier gebruikt wordt om doodsoorzaken te analyseren is de Internationale Classificatie van Ziekten, 10de editie (ICD-10) van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). In dit rapport wordt sterfte geanalyseerd op basis van de onderliggende doodsoorzaak, zoals aangegeven op de overlijdensakte. De onderliggende doodsoorzaak heeft in de regel de voorkeur boven de onmiddellijke doodsoorzaak en de bijdragende doodsoorzaken, omdat vanuit een volksgezondheidsperspectief het doel is om de keten van gebeurtenissen die tot de dood leiden te doorbreken en de onderliggende oorzaak te voorkomen [1].

In een eerste stap worden de oorzaken van algemene sterfte (alle leeftijden) beschreven volgens de ICD-10-hoofdstukken; met andere woorden, op basis van de eerste letter van de ICD-10 codes. In een tweede stap worden de 10 belangrijkste specifieke doodsoorzaken voor België en voor de gewesten besproken.

Vroegtijdige sterfte verwijst naar sterfgevallen die te vroeg plaatsvinden, dat wil zeggen op elke leeftijd lager dan de levensverwachting. Verschillende drempels kunnen worden gebruikt bij de definitie van deze indicator. In dit rapport wordt de vroegtijdige sterfte vóór de leeftijd van 75 jaar beschouwd. Het verminderen van vroegtijdige sterfte is een belangrijke doelstelling van de volksgezondheid aangezien een groot aandeel van de vroegtijdige sterfgevallen vermeden worden door acties op het gebied van het gezondheidszorgsysteem en de volksgezondheid. De rangschikking van de oorzaken van vroegtijdige sterfte is bijgevolg een zeer belangrijk instrument om prioriteiten voor het gezondheidsbeleid vast te kunnen stellen.

De vroegtijdige sterfte naar oorzaak kan worden gemeten met behulp van:

  • Vroegtijdige sterftecijfers, die de frequentie van sterfgevallen voor de leeftijd van 75 meten als gevolg van een specifieke aandoening, per 100.000 mensen jonger dan 75. Deze indicator maakt het mogelijk om de frequentie van verschillende doodsoorzaken te vergelijken.
  • Verloren Potentiële Levensjaren (VPLJ), die sterfgevallen wegen in functie van de leeftijd van sterfte. VPLJ maken het mogelijk om doodsoorzaken te vergelijken op basis van hun ziektelast, waarbij rekening wordt gehouden met zowel de frequentie als de leeftijd van overlijden [2]. In een rangschikking op basis van VPLJ zullen bvb uitwendige oorzaken hoger scoren, omdat deze meestal op jongere leeftijd voorkomen dan sterfgevallen als gevolg van chronische ziekten.

In deze sectie zijn beide indicatoren gecorrigeerd voor leeftijd, met de Europease standaardpopulatie 2010 als referentie. Hierdoor wordt het effect van verschillen in leeftijdsstructuur tussen populaties en over tijd geëlimineerd.

3. België

De meeste vroegtijdige sterftes worden veroorzaakt door nieuwvormingen, hart- en vaatziekten, en uitwendige oorzaken

Bij zowel mannen als vrouwen worden bijna 70% van alle vroegtijdige sterftes veroorzaakt door dezelfde drie groepen van doodsoorzaken:

  • Nieuwvormingen, voornamelijk kankers
  • Hart- en vaatziekten
  • Uitwendige oorzaken, voornamelijk zelfmoord en verkeersongevallen.

Het aandeel van nieuwvormingen onder alle vroegtijdige sterfgevallen is hoger bij vrouwen dan bij mannen. Omgekeerd is het aandeel van hart- en vaatziekten en uitwendige oorzaken hoger bij mannen.

  • Mannen
  • Vrouwen

Verdeling van de oorzaken van vroegtijdige sterfte (volgens ICD-10-hoofdstuk) bij mannen, gerangschikt volgens voor leeftijd gecorrigeerd sterftecijfer (*), België, 2016
Bron: Eigen berekeningen op basis van het databestand sterftecertificaten van Statbel
(*) met de Europese standaardpopulatie 2010 als referentie


Verdeling van de oorzaken van vroegtijdige sterfte (volgens ICD-10-hoofdstuk) bij vrouwen, gerangschikt volgens voor leeftijd gecorrigeerd sterftecijfer (*), België, 2016
Bron: Eigen berekeningen op basis van het databestand sterftecertificaten van Statbel
(*) met de Europese standaardpopulatie 2010 als referentie

Top 10 van de specifieke oorzaken van vroegtijdige sterfte

In termen van vroegtijdige sterftecijfers, zijn de meest frequente oorzaken van vroegtijdige sterfte:

  • bij mannen: longkanker, coronaire hartziekte, en zelfmoord
  • bij vrouwen: longkanker, borstkanker, en cerebrovasculaire aandoeningen

In termen van VPLJ wordt de hoogste ziektelast door vroegtijdige sterfte veroorzaakt door:

  • Bij mannen: zelfmoord, longkanker, coronaire hartziekte, en verkeersongevallen
  • Bij vrouwen: borstkanker, longkanker, zelfmoord, en cerebrovasculaire aandoeningen
  • Mannen
  • Vrouwen

Top 10 van de belangrijkste oorzaken van vroegtijdige sterfte bij mannen, gerangschikt volgens voor leeftijd gecorrigeerd (*) vroegtijdig sterftecijfer, België, 2016
Bron: Eigen berekeningen op basis van het databestand sterftecertificaten van Statbel
(*) met de Europese standaardpopulatie 2010 als referentie

Top 10 van de belangrijkste oorzaken van vroegtijdige sterfte bij vrouwen, gerangschikt volgens voor leeftijd gecorrigeerd (*) vroegtijdig sterftecijfer, België, 2016
Bron: Eigen berekeningen op basis van het databestand sterftecertificaten van Statbel
(*) met de Europese standaardpopulatie 2010 als referentie

 

  • Mannen
  • Vrouwen

Top 10 van de belangrijkste oorzaken van vroegtijdige sterfte bij mannen, gerangschikt volgens voor leeftijd gecorrigeerde (*) Verloren Potentiële Levensjaren, België, 2016
Bron: Eigen berekeningen op basis van het databestand sterftecertificaten van Statbel
(*) met de Europese standaardpopulatie 2010 als referentie

Top 10 van de belangrijkste oorzaken van vroegtijdige sterfte bij vrouwen, gerangschikt volgens voor leeftijd gecorrigeerde (*) Verloren Potentiële Levensjaren, België, 2016
Bron: Eigen berekeningen op basis van het databestand sterftecertificaten van Statbel
(*) met de Europese standaardpopulatie 2010 als referentie

Trends: Verbeteringen voor de meeste doodsoorzaken, verergering van longkanker bij vrouwen

Alle oorzaken van vroegtijdige sterfte nemen in de loop van de tijd af (of blijven minstens stabiel). Bijvoorbeeld:

  • de vroegtijdige sterfte door coronaire hartziekte daalde spectaculair bij beide geslachten tijdens de periode 2000-2016, met een afname van meer dan 50% van de voor leeftijd gecorrigeerde sterftecijfers
  • hetzelfde werd waargenomen voor cerebrovasculaire aandoeningen
  • vroegtijdige sterftecijfers voor longkanker zijn ook aanzienlijk gedaald bij mannen (afname van 39%).

Sinds 2000 is de vroegtijdige sterfte door longkanker echter met 55% toegenomen bij vrouwen. Het is hierdoor gestegen van de vierde naar de eerste plaats in de rangschakking van doodsoorzaken, net na borstkanker. Er werd daarnaast bij vrouwen ook een lichte toename waargenomen voor chronisch obstructief longlijden (COPD).

  • Mannen
  • Vrouwen

Voor leeftijd gecorrigeerd (*) vroegtijdig sterftecijfer van de 6 belangrijkste oorzaken van vroegtijdige sterfte bij mannen, België, 2000-2016
Bron: Eigen berekeningen op basis van het databestand sterftecertificaten van Statbel
(*) met de Europese standaardpopulatie 2010 als referentie

Voor leeftijd gecorrigeerd (*) vroegtijdig sterftecijfer van de 6 belangrijkste oorzaken van vroegtijdige sterfte bij vrouwen, België, 2000-2016
Bron: Eigen berekeningen op basis van het databestand sterftecertificaten van Statbel
(*) met de Europese standaardpopulatie 2010 als referentie

4. Gewesten

Aanhoudende verschillen tussen gewesten, met lagere vroegtijdige sterftecijfers voor de meeste doodsoorzaken in Vlaanderen

Bij mannen zijn de vroegtijdige sterftecijfers voor de 6 belangrijkste oorzaken van vroegtijdige sterfte hoger in het Waalse Gewest dan in het Vlaamse Gewest. De verhouding Wallonië versus Vlaanderen (W / F) van de sterftecijfers is in het bijzonder hoog voor chronische leverziekten (verhouding 1,7), coronaire hartziekte (1,6) en COPD (1,5). De verschillen tussen Brussel en Vlaanderen (Bx / F) zijn minder uitgesproken, met de hoogste verhouding voor COPD (1,5) en chronische leverziekten (1,4). De verhouding Bx / F is echter hoger dan de verhouding W / F voor cerebrovasculaire aandoeningen en arteriële hypertensie (1,4). De lage zelfmoordsterfte in Brussel is waarschijnlijk een artefact, te wijten aan vertragingen in de bevestiging van zelfmoordgevallen.

Bij vrouwen, net als bij mannen, zijn de vroegtijdige sterftecijfers hoger in Wallonië dan in Vlaanderen voor de 6 belangrijskte oorzaken van vroegtijdige sterfte, behalve voor borstkanker. De hoogste W / F verhoudingen worden waargenomen voor coronaire hartziekte (1,9) en COPD (1,5). De Bx / F verhoudingen zijn minder uitgesproken, en de hoogste verhoudingen worden waargenomen voor coronaire hartziekten (1,5) en cerebrovasculaire aandoeningen (1,2). Net als voor mannen is het zelfmoordsterftecijfer in Brussel onderschat.

  • Mannen
  • Vrouwen

Verhoudingen tussen de gewesten van de 6 belangrijkste oorzaken van vroegtijdige sterfte (met het Vlaamse Gewest als referentie), bij mannen, België, 2016
Bron: Eigen berekeningen op basis van het databestand sterftecertificaten van Statbel
Noot: De sterftecijfers voor zelfmoord in Brussel zijn onderschat, en daarom niet weergegeven

Verhoudingen tussen de gewesten van de 6 belangrijkste oorzaken van vroegtijdige sterfte (met het Vlaamse Gewest als referentie), bij vrouwen, België, 2016
Bron: Eigen berekeningen op basis van het databestand sterftecertificaten van Statbel
Noot: De sterftecijfers voor zelfmoord in Brussel zijn onderschat, en daarom niet weergegeven

Rangschikking

Longkanker is de meest voorkomende oorzaak van vroegtijdige sterfte in alle gewesten, en sinds 2015 is dit ook het geval voor beide geslachten afzonderlijk (in termen van sterftecijfer). De doodsoorzaken op de tweede plaats zijn eveneens dezelfde in alle gewesten: coronaire hartziekte bij mannen en borstkanker bij vrouwen. De derde belangrijkste doodsoorzaak is:

  • bij mannen: zelfmoord in Wallonië en Vlaanderen, en COPD in Brussel
  • bij vrouwen: cerebrovasculaire aandoeningen in Vlaanderen en Brussel, en coronaire hartziekte in Wallonië.

In termen van Verloren Potentiële Levensjaren (VPLJ):

  • bij mannen: zelfmoord staat op de eerste plaats in Vlaanderen en Wallonië, gevolgd door longkanker en coronaire hartziekte; in Brussel staat longkanker op de eerste plaats, gevolgd door zelfmoord en coronaire hartziekte
  • bij vrouwen: borstkanker staat op de eerste plaats in Vlaanderen en Brussel, gevolgd door longkanker en zelfmoord; in Wallonië staat longkanker op de eerste plaats, gevolgd door borstkanker en zelfmoord

Het is interessant om op te merken dat verkeersongevallen vrij hoog scoren bij mannen, zelfs al is het vroegtijdig sterftecijfer vrij laag.

De zelfmoordsterftecijfers in Brussel zijn onderschat door vertragingen in de bevestiging van zelfmoordgevallen.

Rangschikking van de belangrijkste oorzaken van sterfte volgens vroegtijdig sterftecijfer en verloren potentiële levensjaren (VPLJ), volgens geslacht en gewest, België, 2016
Bron: Eigen berekeningen op basis van het databestand sterftecertificaten van Statbel
Mannen Rangschikking volgens vroegtijdig sterftecijfer Rangschikking volgens VPLJ
Doodsoorzaak Vlaanderen Brussel Wallonië Vlaanderen Brussel Wallonië
Longkanker 1 1 1 2 1 2
Coronaire hartziekte
2 2 2 3 3 3
Zelfmoord 3 5 3 1 2 1
Cerebrovasculaire aandoeningen en hoge bloeddruk 4 4 6 5 5 7
Chronisch obstructief longlijden (COPD) 5 3 4 10 6 6
Colorectale kanker 6 8 7 8 8 8
Chronische leverziekten
7 6 5 6 4 5
Verkeersongevallen 13 23 11 4 12 4
             
Vrouwen Rangschikking volgens vroegtijdig sterftecijfer Rangschikking volgens VPLJ
Doodsoorzaak Vlaanderen Brussel Wallonië Vlaanderen Brussel Wallonië
Longkanker 1 1 1 2 2 1
Borstkanker 2 2 2 1 1 2
Cerebrovasculaire aandoeningen en hoge bloeddruk 3 3 4 4 4 4
Chronisch obstructief longlijden (COPD) 4 5 5 8 7 6
Zelfmoord 5 10 6 3 3 3
Colorectale kanker 6 6 7 5 11 10
Coronaire hartziekte 7 4 3 11 5 5
Chronische leverziekten 10 9 11 6 6 9

Trends

Voor de meeste doodsoorzaken zijn de vroegtijdige sterftecijfers hoger in Wallonië dan in Vlaanderen. De evoluties van de belangrijkste oorzaken van vroegtijdige sterfte zijn gelijkaardig in de drie gewesten. We concentreren ons daarom hier op een aantal regionale bijzonderheden.

1. Het vroegtijdig sterftecijfer voor longkanker is in de drie gewesten in de periode 2000-2016 gedaald bij mannen (-40% in Brussel en Vlaanderen en -33% in Wallonië). Die sterftecijfers zijn de hele periode hoger gebleven in Wallonië dan in Vlaanderen. Voor vrouwen zijn de sterftecijfers echter gestaag gestegen in Vlaanderen en Wallonië, terwijl ze sinds 2006 stabiel gebleven zijn in Brussel. Vrouwen in Brussel hadden eerder de hoogste vroegtijdige sterftecijfers voor longkanker, maar worden sinds 2010 ingehaald door Wallonië.

  • Mannen
  • Vrouwen

Voor leeftijd gecorrigeerd (*) vroegtijdig sterftecijfer van longkanker bij mannen, volgens gewest, 2000-2016
Bron: Eigen berekeningen op basis van het databestand sterftecertificaten van Statbel
(*) met de Europese standaardpopulatie 2010 als referentie

Voor leeftijd gecorrigeerd (*) vroegtijdig sterftecijfer van longkanker bij vrouwen, volgens gewest, 2000-2016
Bron: Eigen berekeningen op basis van het databestand sterftecertificaten van Statbel
(*) met de Europese standaardpopulatie 2010 als referentie

2. Het vroegtijdig sterftecijfer voor coronaire hartziekte is sneller gedaald in Vlaanderen (-65% bij mannen en -71% bij vrouwen) dan in Wallonië (-52% bij beide geslachten). Dit heeft geleid tot een toenemende kloof tussen beide gewesten.

  • Mannen
  • Vrouwen

Voor leeftijd gecorrigeerd (*) vroegtijdig sterftecijfer van coronaire hartziekte bij mannen, volgens gewest, 2000-2016
Bron: Eigen berekeningen op basis van het databestand sterftecertificaten van Statbel
(*) met de Europese standaardpopulatie 2010 als referentie

Voor leeftijd gecorrigeerd (*) vroegtijdig sterftecijfer van coronaire hartziekte bij vrouwen, volgens gewest, 2000-2016
Bron: Eigen berekeningen op basis van het databestand sterftecertificaten van Statbel
(*) met de Europese standaardpopulatie 2010 als referentie

3. Het vroegtijdig sterftecijfer voor zelfmoord is zowel in Vlaanderen als in Wallonië gedaald bij mannen (vanaf 2008). Bij vrouwen bleef het zelfmoordsterftecijfer in beide gewesten eerder stabiel, maar dan wel op een veel lager niveau dan bij mannen.

  • Mannen
  • Vrouwen

Voor leeftijd gecorrigeerd (*) vroegtijdig sterftecijfer van zelfmoord bij mannen, volgens gewest, 2000-2016
Bron: Eigen berekeningen op basis van het databestand sterftecertificaten van Statbel
(*) met de Europese standaardpopulatie 2010 als referentie
Noot: de lage zelfmoordcijfers in het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest zijn artefacten en worden daarom niet weergegeven

Voor leeftijd gecorrigeerd (*) vroegtijdig sterftecijfer van zelfmoord bij vrouwen, volgens gewest, 2000-2016
Bron: Eigen berekeningen op basis van het databestand sterftecertificaten van Statbel
(*) met de Europese standaardpopulatie 2010 als referentie
Noot: de lage zelfmoordcijfers in het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest zijn artefacten en worden daarom niet weergegeven

4. Het vroegtijdig sterftecijfer voor COPD is bij mannen in de periode 2000-2016 met 42% gedaald in Vlaanderen en Wallonië en met 30% in Brussel. De sterftecijfers voor COPD bij vrouwen zijn in dezelfde periode daarentegen gestegen in Vlaanderen en Wallonië.

  • Mannen
  • Vrouwen

Voor leeftijd gecorrigeerd (*) vroegtijdig sterftecijfer van COPD bij mannen, volgens gewest, 2000-2016
Bron: Eigen berekeningen op basis van het databestand sterftecertificaten van Statbel
(*) met de Europese standaardpopulatie 2010 als referentie

Voor leeftijd gecorrigeerd (*) vroegtijdig sterftecijfer van COPD bij vrouwen, volgens gewest, 2000-2016
Bron: Eigen berekeningen op basis van het databestand sterftecertificaten van Statbel
(*) met de Europese standaardpopulatie 2010 als referentie

5. Het vroegtijdig sterftecijfer voor colorectale kanker was vroeger hoger in Vlaanderen dan in de andere gewesten. Het sterftecijfer is echter sneller gedaald in Vlaanderen (-46% voor mannen en -37% voor vrouwen) dan in Wallonië (-10% bij mannen en -7% bij vrouwen), waardoor Wallonië in 2016 het hoogste vroegtijdig sterftecijfer kende.

  • Mannen
  • Vrouwen

Voor leeftijd gecorrigeerd (*) vroegtijdig sterftecijfer van colorectale kanker bij mannen, volgens gewest, 2000-2016
Bron: Eigen berekeningen op basis van het databestand sterftecertificaten van Statbel
(*) met de Europese standaardpopulatie 2010 als referentie


Voor leeftijd gecorrigeerd (*) vroegtijdig sterftecijfer van colorectale kanker bij vrouwen, volgens gewest, 2000-2016
Bron: Eigen berekeningen op basis van het databestand sterftecertificaten van Statbel
(*) met de Europese standaardpopulatie 2010 als referentie


5. Meer informatie

Bekijk de metadata voor deze indicator

Statbel: Doodsoorzaken

Sciensano: Standardized Procedures for Mortality Analysis (SPMA)

WHO: ICD-10

Definities

Bruto sterftecijfer
Het bruto sterftecijfer geeft het aantal geregistreerde sterfgevallen in een land weer gedeeld door de overeenkomstige populatiegrootte.
Voor leeftijd gecorrigeerd sterftecijfer
De voor leeftijd gecorrigeerde sterfte geeft het volgens leeftijd gewogen gemiddelde sterftecijfer weer en kan zo de verschillen te wijten aan de leeftijdsstructuur van de bevolking opvangen.
International Classification of Disease, 10th edition (ICD-10)
De Internationale Classificatie van Ziekten is een internationaal coderingssysteem voor ziekten en voor een zeer grote verscheidenheid aan tekenen, symptomen, letsels, vergiftigingen, sociale omstandigheden en externe oorzaken van letsel of ziekte.
Verloren potentiële levensjaren (VPLJ)
Verloren potentiële levensjaren (VPLJ) meten het aantal verloren levensjaren als gevolg van vroegtijdig overlijden. VPLJ geven een hoger gewicht aan sterfgevallen die voorkomen bij jongere dan bij oudere mensen. De berekening van VPLJ bestaat uit het optellen van sterfgevallen op elke leeftijd en het vermenigvuldigen ervan met het aantal resterende jaren tot een bepaalde leeftijd (hier, 75 jaar). Leeftijdsspecifieke VPLJ (per 100.000) worden berekend door het aantal VPLJ in een bepaalde leeftijdsgroep te delen door het aantal personen in die leeftijdsgroep. De voor leeftijd gecorrigeerde VPLJ (per 100.000) worden vervolgens berekend als het gewogen gemiddelde van de leeftijdsspecifieke VPLJ tot de leeftijd van 75 jaar.
Vroegtijdig sterftecijfer
Vroegtijdige sterfte wordt hier gedefinieerd als sterfgevallen vóór de leeftijd van 75. Het voor leeftijd gecorrigeerde vroegtijdig sterftecijfer wordt berekend als het gewogen gemiddelde van leeftijdsspecifieke sterftecijfers voor de leeftijd van 75.
Onderliggende doodsoorzaak
De ziekte of verwonding die de keten van ziektegebeurtenissen heeft veroorzaakt die rechtstreeks tot de dood heeft geleid, of de omstandigheden van het ongeval of geweld dat de dodelijke verwonding heeft veroorzaakt.
Nieuwvormingen
Ook gekend als "tumoren". De groep van nieuwvormingen bestaat voor 95% uit kwaadaardige nieuwvormingen of kankers; de rest zijn tumoren van goedaardige of onbepaalde aard.

Referenties

  1. World Health Organization. International statistical classification of diseases and related health problems 10th. 2016.
  2. Gardner JW, Sanborn JS. Years of Potential Life Lost (YPLL). What Does it Measure? Epidemiol 1990;1:322-9.