Sterfte en Doodsoorzaken

Inhoud

Samenvatting

Algemene sterfte
Het aantal sterfgevallen in België is de voorbije jaren redelijk stabiel gebleven, met ongeveer 105.000 sterfgevallen per jaar.
Mensen sterven vandaag echter op latere leeftijd dan voorheen. Hierdoor daalt het voor leeftijd gecorrigeerde sterftecijfer: sinds 2000 is het met 23% gedaald.
De algemene sterfte is bij mannen 1,5 keer hoger dan bij vrouwen, maar deze kloof wordt kleiner.
Het algemene sterftecijfer is hoger in Wallonië (+18%) en Brussel (+8%) dan in Vlaanderen.
Algemene sterfte naar doodsoorzaak
Nieuwvormingen en hart- en vaatziekten zijn de belangrijkste doodsoorzaken in België. Ze vertegenwoordigen meer dan de helft van alle sterfgevallen, en dit voor beide geslachten.
Hun relatieve belang is in de loop van de tijd echter geëvolueerd: sterfte door nieuwvormingen is bij mannen progressief belangrijker geworden dan sterfte door hart- en vaatziekten. Dit komt door een aanzienlijke daling van de sterfte door coronaire hartziekte.
Ondanks het belang van nieuwvormingen als groep, staan cerebrovasculaire aandoeningen en coronaire hartziekten in de top 3 van de specifieke doodsoorzaken, aangevuld met dementie (inclusief de ziekte van Alzheimer) voor vrouwen en longkanker voor mannen.
Vroegtijdige sterfte
Tussen 2000 en 2016 is het vroegtijdig sterftecijfer (hier gedefinieerd als sterfte voor de leeftijd van 75) met 27% gedaald. België heeft echter een slechte positie binnen de EU-15.
Vroegtijdige sterfte is 1,8 keer hoger bij mannen dan bij vrouwen.
Het vroegtijdige sterftecijfer is hoger in Wallonië (+40%) en Brussel (+20%) dan in Vlaanderen.
Vroegtijdige sterfte naar doodsoorzaak
Voor de leeftijd van 75 zijn nieuwvormingen de belangrijkste doodsoorzaken bij zowel mannen als vrouwen.
De drie belangrijkste oorzaken van vroegtijdige sterfte in termen van verloren levensjaren, zijn als volgt:
  • zelfmoord, longkanker, en coronaire hartziekte, bij mannen
  • borstkanker, longkanker, en zelfmoord, bij vrouwen.
De meeste oorzaken van vroegtijdige sterfte zijn tussen 2000 en 2016 in belang afgenomen, met bvb een daling van meer dan 50% voor coronaire hartziekte en verkeersongevallen. Longkanker en chronisch obstructief longlijden (COPD) zijn daarentegen de afgelopen jaren stelselmatig toegenomen bij vrouwen.
Voor de meeste doodsoorzaken zijn de vroegtijdige sterftecijfers het laagst in Vlaanderen.
Kindersterfte
In 2015 bedroeg het kindersterftecijfer 3,3 per duizend levendgeborenen, wat overeenkomt met het EU-15-gemiddelde.
De kindersterfte is de afgelopen decennia in België sterk gedaald.
De huidige cijfers en trends zijn vrij gelijkaardig in de 3 gewesten. Eventuele fluctuaties zijn toe te wijzen aan de kleine aantallen, en wijzen niet per se op echte regionale verschillen.