Sterfte en Doodsoorzaken

Inhoud

Samenvatting

Sterftecijfer
Het totale aantal sterfgevallen in België is de afgelopen 15 jaar redelijk stabiel gebleven, en varieerde tussen de 100.000 en 110.000 per jaar.
Mensen overlijden echter op oudere leeftijd. Als gevolg hiervan daalt het voor leeftijd gecorrigeerde sterftecijfer: in 15 jaar tijd is dit zelfs met 19% gedaald.
Het bruto sterftecijfer ligt hoger in het Waalse Gewest (+ 22%) en het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest (+ 8%) dan in het Vlaamse Gewest.
Hoewel vroegtijdige sterfte (hier gedefinieerd als sterfte vóór de leeftijd van 75) tussen 2001 en 2015 met 22% is gedaald, scoort België toch slecht op het gebied van vroegtijdige sterfte in vergelijking met de andere EU-15-landen.
Vroegtijdige sterfte is 1,7 keer hoger bij mannen dan bij vrouwen.
Er zijn belangrijke regionale verschillen in vroegtijdige sterfte, met vroegtijdige sterftecijfers die respectievelijk 40% en 19% hoger zijn in het Waalse Gewest en het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest in vergelijking met het Vlaamse Gewest. In de loop van de tijd neemt de sterfte af, maar de regionale verschillen blijven bestaan.
Doodsoorzaken
Nieuwvormingen (tumoren) en hart- en vaatziekten zijn de belangrijkste doodsoorzaken en veroorzaken meer dan de helft van alle sterfgevallen bij beide geslachten.
Het relatieve belang is in de loop van de tijd echter geëvolueerd: sterfte door nieuwvormingen is bij mannen progressief belangrijker geworden dan sterfte door hart- en vaatziekten. Dit komt door een aanzienlijke daling van de sterfte door coronaire hartaandoeningen.
Vóór de leeftijd van 75 zijn nieuwvormingen veruit de belangrijkste doodsoorzaak in beide geslachten.
Wat betreft de impact op het aantal potentiële verloren levensjaren, worden de eerste plaatsen ingenomen door zelfmoord, longkanker en coronaire hartaandoeningen bij mannen, en borstkanker, longkanker en zelfmoord bij vrouwen.
De meeste oorzaken van vroegtijdige sterfte zijn in de loop van de tijd afgenomen, met bijvoorbeeld een afname van meer dan 50% van de vroegtijdige sterfgevallen door coronaire hartaandoeningen tussen 2001 en 2015. Een belangrijke uitzondering op deze trend zijn echter de longkankersterfgevallen bij vrouwen, die aanzienlijk zijn toegenomen.
Kindersterfte
In 2015 bedroeg het kindersterftecijfer 3,3 per duizend levendgeborenen, wat overeenkomt met het EU-15-gemiddelde.
De kindersterfte is de afgelopen decennia in België sterk gedaald.
De huidige cijfers en trends zijn vrij gelijkaardig in de 3 gewesten. Eventuele fluctuaties zijn toe te wijzen aan de kleine aantallen, en wijzen niet per se op echte regionale verschillen.