Doodsoorzaken

1. Kernboodschappen

Tumoren en hart- en vaatziekten zijn de belangrijkste groepen van doodsoorzaken in België. Ze vertegenwoordigen meer dan de helft van alle sterfgevallen, en dit voor beide geslachten.
Hun relatieve belang is in de loop van de tijd echter geëvolueerd: sterfte door tumoren (waarvan 95% kankers zijn) is bij mannen progressief belangrijker geworden dan sterfte door hart- en vaatziekten. Dit komt door een aanzienlijke daling van de sterfte door coronaire hartziekte.
Ondanks het belang van tumoren als groep, staan cerebrovasculaire aandoeningen en coronaire hartziekten in de top 3 van de specifieke doodsoorzaken, aangevuld met longkanker voor mannen en dementie (inclusief de ziekte van Alzheimer) voor vrouwen.

2. Achtergrond

De doodsoorzaken zijn geclassificeerd volgens de Internationale Classificatie van Ziekten, 10de editie (ICD-10). In dit rapport wordt sterfte geanalyseerd op basis van de onderliggende doodsoorzaak, zoals aangegeven op de overlijdensakte. De onderliggende doodsoorzaak wordt in de regel verkozen boven de onmiddellijke en de bijdragende doodsoorzaken voor sterftestatistieken, omdat vanuit een volksgezondheidsperspectief het doel is om de keten van gebeurtenissen die tot de dood leiden te doorbreken en de onderliggende oorzaak te voorkomen [1].

In een eerste stap worden de oorzaken van algemene sterfte (alle leeftijden) beschreven volgens de ICD-10-hoofdstukken. Deze zijn gebaseerd op het eerste letter van de ICD-10 codes. In een tweede stap worden de 10 belangrijkste specifieke doodsoorzaken gerangschikt voor België en voor de gewesten.

De sterftecijfers zijn gecorrigeerd voor leeftijd, met de Europeaanse standaardpopulatie 2010 als referentie, om rekening te houden met het effect van variaties in de leeftijdsstructuur tussen bevolkingsgroepen.

De COVID-19 mortaliteit wordt op een andere pagina geanalyseerd. 

3. Oorzaken van algemene sterfte volgens ICD-10 hoofdstuk

Verdeling

Tumoren en hart- en vaatziekten waren de belangrijkste doodsoorzaken in 2018, samen goed voor meer dan de helft van alle sterftegevallen (53% bij mannen, en 49% bij vrouwen).

  • Mannen
  • Vrouwen

Verdeling van doodsoorzaken (volgens ICD-10-hoofdstuk) bij mannen, gerangschikt volgens voor leeftijd gecorrigeerd sterftecijfer (*), België, 2018
Bron: Eigen berekeningen op basis van de gegevens van Statbel

Verdeling van doodsoorzaken (volgens ICD-10-hoofdstuk) bij vrouwen, gerangschikt volgens voor leeftijd gecorrigeerd sterftecijfer (*), België, 2018
Bron: Eigen berekeningen op basis van de gegevens van Statbel

Trends

Bij mannen is het voor leeftijd gecorrigeerde sterftecijfer voor hart- en vaatziekten aanzienlijk gedaald tussen de jaren 2000 en 2018 (met -50%). Als gevolg hiervan is de sterfte door nieuwvormingen, die in een langzamer tempo afneemt (-30%), tegenwoordig hoger dan de sterfte aan hart- en vaatziekten.

Bij vrouwen is het voor leeftijd gecorrigeerde sterftecijfer voor hart- en vaatziekten eveneens sterk gedaald (met 49%). Als gevolg daarvan is de sterfte door nieuwvormingen (die nauwelijks was gedaald) nu bijna even hoog als de sterfte aan hart- en vaatziekten.

Bij beide geslachten is de sterfte aan aandoeningen van de luchtwegen sinds 2000 gedaald (met 39% bij mannen, 15% bij vrouwen). De daling is echter vertraagd en in het laatste decennium gestopt.

Vermeldenswaard is de evolutie van de sterfte aan psychische en neurologische aandoeningen: de overeenkomstige sterftecijfers zijn sinds 2000 zowel bij mannen (+33%) als bij vrouwen (+31%) gestegen.

  • Mannen
  • Vrouwen

Voor leeftijd gecorrigeerd sterftecijfer (*) van de 5 belangrijkste doodsoorzaken (volgens ICD-10-hoofdstuk) bij mannen, België, 2000-2018
Bron: Eigen berekeningen op basis van de gegevens van Statbel
(*) met de Europese standaardpopulatie 2010 als referentie

Voor leeftijd gecorrigeerd sterftecijfer (*) van de 5 belangrijkste doodsoorzaken (volgens ICD-10-hoofdstuk) bij vrouwen, België, 2000-2018
Bron: Eigen berekeningen op basis van de gegevens van Statbel
(*) met de Europese standaardpopulatie 2010 als referentie

4. Specifieke oorzaken van algemene sterfte

De tien belangrijkste doodsoorzaken zijn gerangschikt in functie van hun voor leeftijd gecorrigeerde sterftecijfers, afzonderlijk voor mannen en vrouwen. De drie belangrijkste doodsoorzaken zijn:

  • bij mannen: coronaire hartziekten, longkanker, en cerebrovasculaire aandoeningen (gegroepeerd met arteriële hypertensie (HTA))
  • bij vrouwen: dementie (inclusief de ziekte van Alzheimer), cerebrovasculaire aandoeningen (gegroepeerd met HTA), en coronaire hartziekten.

De rangordes zijn redelijk vergelijkbaar voor de verschillende gewesten. Hartfalen is in Vlaanderen echter de vijfde doodsoorzaak bij mannen en de derde bij vrouwen, wat veel hoger is dan in de andere gewesten. Een deel van deze verschillen kan te wijten zijn aan verschillen in de codering van doodsoorzaken tussen de gewesten.

Voor meer informatie over de morbiditeit van specifieke aandoeningen kunt u de desbetreffende pagina's raadplegen: Algemeen overzicht niet-overdraagbare aandoeningen, Kanker, Coronaire hartziekten, Diabetes, en Zelfmoordgedrag.

  • Mannen
  • Vrouwen

Rangorde van de belangrijkste oorzaken van algemene sterfte volgens voor leeftijd gecorrigeerd sterftecijfer (*) bij mannen, België en gewesten, 2018
Bron: Eigen berekeningen op basis van de gegevens van Statbel
(*) met de Europese standaardpopulatie 2010 als referentie




Rangorde van de belangrijkste oorzaken van algemene sterfte volgens voor leeftijd gecorrigeerd sterftecijfer (*) bij vrouwen, België en gewesten, 2018
Bron: Eigen berekeningen op basis van de gegevens van Statbel
(*) met de Europese standaardpopulatie 2010 als referentie




5. Meer informatie

Bekijk de metadata voor deze indicator

Statbel: Doodsoorzaken

Sciensano: Standardized Procedures for Mortality Analysis (SPMA)

Wereldgezondheidsorganisatie: ICD-10

Definities

International Classification of Disease, 10th edition (ICD-10)
De Internationale Classificatie van Ziekten is een internationaal coderingssysteem voor ziekten en voor een zeer grote verscheidenheid aan tekenen, symptomen, letsels, vergiftigingen, sociale omstandigheden en externe oorzaken van letsel of ziekte.
Onderliggende doodsoorzaak
De ziekte of verwonding die de keten van ziektegebeurtenissen heeft veroorzaakt die rechtstreeks tot de dood heeft geleid, of de omstandigheden van het ongeval of geweld dat de dodelijke verwonding heeft veroorzaakt.
Onmiddellijke doodsoorzaak
De uiteindelijke ziekte, verwonding of complicatie die direct de dood veroorzaakt.
Bijdragende doodsoorzaak
Alle andere belangrijke ziekten, aandoeningen of verwondingen die hebben bijgedragen aan de dood maar die niet hebben geleid tot de onderliggende doodsoorzaak.
Tumoren
Ook gekend als nieuwvormingen. De groep van nieuwvormingen bestaat voor 95% uit kwaadaardige nieuwvormingen of kankers; de rest zijn tumoren van goedaardige of onbepaalde aard.
Voor leeftijd gecorrigeerd sterftecijfer
De voor leeftijd gecorrigeerde sterfte geeft het volgens leeftijd gewogen gemiddelde sterftecijfer weer en kan zo de verschillen te wijten aan de leeftijdsstructuur van de bevolking opvangen.

Referenties

  1. WHO. ICD-10: International statistical classification of diseases and related health problems: Instruction manual. Geneva: World Health Organization; 2011.