Levenskwaliteit

1. Kernboodschappen

In 2013 rapporteerde 78% van de Belgische populatie in goede tot zeer goede gezondheid te verkeren. In Vlaanderen rapporteerden meer mensen in goede gezondheid te verkeren dan in Wallonië. Er werd ook een belangrijke sociaaleconomische gradiënt waargenomen, waarbij hooggeschoolden vaker aangaven in goede gezondheid te verkeren dan laaggeschoolden. Op gebied van subjectieve gezondheid staat België gunstig gerangschikt in de EU-15.
De levenskwaliteit, gemeten aan de hand van de score voor gezondheidsgerelateerde levenskwaliteit, is hoger voor mannen dan voor vrouwen. De gezondheidsgerelateerde levenskwaliteit vermindert sterk met de leeftijd: bij ouderen neemt de score af, ongeacht het geslacht. De gezondheidsgerelateerde levenskwaliteit is beter in het Vlaams gewest dan in het Waals gewest of het Brussels hoofdstedelijk gewest. Er wordt ook een belangrijke leeftijdsgradiënt vastgesteld: laagopgeleide personen rapporteren een betere gezondheidsgerelateerde levenskwaliteit dan hoogopgeleide personen.

2. Achtergrond

De levenskwaliteit is een subjectieve beoordeling van het leven van een individu in zijn persoonlijke context en volgens zijn eigen waarden, doelen en verwachtingen. Deze beoordeling wordt door verschillende factoren beïnvloed zoals fysieke en mentale gezondheid maar ook door onder meer sociale relaties [1]. In dit rapport wordt de levenskwaliteit beoordeeld aan de hand van twee indicatoren, nl. de subjectieve gezondheid en de gezondheidsgerelateerde levenskwaliteit.

Subjectieve gezondheid is een concept waarmee een individu zijn eigen gezondheid beoordeelt. Ondanks het subjectieve karakter van deze indicator is deze een goede voorspeller voor ziekte, beperkingen, het gebruik van gezondheidsdiensten, en sterfte. In dit rapport beschrijven we de resultaten van de gezondheidsenquête die het percentage van de bevolking weergeeft die een goed of heel goede gezondheid rapporteerde. De internationale resultaten zijn afkomstig van Eurostat en de EU-SILC onderzoeken.

De gezondheidsgerelateerde levenskwaliteit (GGLK) geeft de impact weer van de gezondheidsstatus op de levenskwaliteit. Er bestaan verschillende instrumenten om de GGLK te meten. Dit rapport focust op de resultaten van de EuroQol 5 dimensie (EQ-5D) vragenlijst [2] die gebruikt werd als meetinstrument in de gezondheidsenquête.

3. Subjectieve gezondheid

België

In 2013 rapporteerde 77,9% van de Belgische populatie van 15 jaar en ouder, in goede of zeer goede gezondheid te verkeren. Uit de opeenvolgende gezondheidsenquêtes van 1997 en 2008 werd een significant verschil tussen mannen en vrouwen waargenomen, waarbij mannen een betere gezondheid rapporteerden dan vrouwen. In 2013 gaf 79,6% van de mannen en 76,4% van de vrouwen aan in goede of zeer goede gezondheid te verkeren. Dit verschil was echter niet meer significant.

Zoals verwacht daalt de prevalentie van (zeer) goede subjectieve gezondheid met de leeftijd: 93% van de bevolking van 15-24 jaar rapporteert een goede tot zeer goede gezondheid in vergelijking met slechts 56% van de bevolking van 75 jaar en ouder.

Percentage van de bevolking met (zeer) goede zelfgerapporteerde gezondheid volgens leeftijdscategorie en geslacht, België, 2013
Bron: Gezondheidsenquête, Sciensano, 2013 [1]

Trends en regionale verschillen

Tussen 1997 en 2013 was er een lichte maar significante toename in het aantal personen dat een goed of zeer goede gezondheid rapporteerde. De subjectieve gezondheid steeg van 77,1% in 1997 (leeftijdsgecorrigeerde prevalentie) naar 80,4% in 2013. De toename was meer uitgesproken in Wallonië (van 71,5% in 1997 naar 77,8% in 2013).

De opeenvolgende gezondheidsenquêtes tonen belangrijke regionale verschillen met een groter percentage mensen met een (zeer) goede subjectieve gezondheid in het Vlaams gewest dan in het Waals of Brussels hoofdstedelijk gewest. Deze regionale verschillen werden in 2013 nog steeds waargenomen maar waren minder uitgesproken. De leeftijdsgecorrigeerde prevalentie van de bevolking met goede of zeer goede gezondheid was hoger in het Vlaams gewest (82,3%) dan in het Waals (77,8%) of Brussels hoofdstedelijk gewest (76,2%). De afname van de regionale verschillen is voornamelijk te wijten aan de sterke toename van het aantal vrouwen in Wallonië met een goede of zeer goede subjectieve gezondheid (van 67,1% in 1997 tot 78% in 2013).

  • Mannen
  • Vrouwen

Prevalentie van (zeer) goede subjectieve gezondheid bij mannen, in België en de verschillende regio’s, 1997-2013
Bron: Gezondheidsenquête, Sciensano, 1997-2013 [1]

Prevalentie van (zeer) goede subjectieve gezondheid bij vrouwen, in België en de verschillende regio’s, 1997 - 2013
Bron: Gezondheidsenquête, Sciensano, 1997-2013 [1]

Volgens opleidingsniveau

De subjectieve gezondheid vertoont een belangrijke sociaaleconomische gradiënt volgens opleidingsniveau. Slechts 61% van de laagopgeleiden rapporteerde een goede subjectieve gezondheid ten opzichte van 86% van de hoogopgeleiden.

Prevalentie van (zeer) goede subjectieve gezondheid volgens opleidingsniveau, België, 2013
Bron: Gezondheidsenquête, Sciensano, 2013 [1]

Internationale vergelijking

België scoort gunstig op het vlak van subjectieve gezondheid binnen de EU-15 en dit zowel voor mannen als voor vrouwen sinds 2004 (jaar met eerste beschikbare gegevens voor België).

  • Mannen
  • Vrouwen

Prevalentie van (zeer) goede subjectieve gezondheid bij mannen, EU-15, 2016
Bron: OESO Gezondheidsgegevens, 2016 [2]

Prevalentie van (zeer) goede subjectieve gezondheid bij vrouwen, EU-15, 2016
Bron: OESO Gezondheidsgegevens, 2016 [2]

Evolutie van de prevalentie van (zeer) goede subjectieve gezondheid, België, en de EU-15-gemiddelde, 2004-2016
Bron: OESO Gezondheidsgegevens, 2004-2016 [2]

4. Gezondheidsgerelateerde levenskwaliteit

In 2013 rapporteerde de Belg een gemiddelde GGLK-score van 81,5, gemeten aan de hand van de EQ-5D vragenlijst. De GGLK-score was significant hoger voor mannen (83,8) dan voor vrouwen (79,4) en significant hoger in Vlaanderen (83,6) dan Wallonië (77,7).

De GGLK toont een belangrijke leeftijdsgradiënt. De GGLK neemt af met toenemende leeftijd. Deze afname is meer uitgesproken bij vrouwen dan bij mannen. De relatieve afname tussen de twee uiterste leeftijdsgroepen bedraagt meer dan 25% bij vrouwen (van 87,4 naar 65) ten opzichte van 20% bij mannen (van 91,9 naar 73,6).

Gezondheidsgerelateerde levenskwaliteit volgens geslacht en leeftijd, België, 2013
Bron: Gezondheidsenquête, Sciensano, 2013 [1]

Volgens opleidingsniveau

De GGLK-score neemt toe met opleidingsniveau en bedraagt 67 voor de laagopgeleiden ten opzichte van 85 voor hoogopgeleiden. Deze sociaaleconomische gradiënt blijft significant na standaardisatie volgens leeftijd en geslacht.

Gezondheidsgerelateerde levenskwaliteit volgens opleidingsniveau, België, 2013
Bron: Gezondheidsenquête, Sciensano, 2013 [1]

5. Meer informatie

Bekijk de metadata voor deze indicator

HISIA: Interactive Analysis of Belgian Health Interview Survey

Definities

EU-15
De EU-15 komt overeen met alle landen die tussen 1995 en 2004 tot de Europese Unie behoorden: België, Denemarken, Duitsland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Ierland, Italië, Luxemburg, Nederland, Oostenrijk, Portugal, Spanje, het Verenigd Koninkrijk, en Zweden. We vergelijken de Belgische gezondheidsstatus met die van de EU-15 omdat deze landen vergelijkbare sociaaleconomische omstandigheden hebben.
EuroQol 5-dimensies vragenlijst (EQ-5D)
De EuroQol 5-dimensies vragenlijst (EQ-5D) is een snel en eenvoudig instrument dat de impact van de gezondheidsstatus op de levenskwaliteit onderzoekt. De EQ-5D bestaat uit twee onderdelen, nl. een beschrijvend gedeelte, de EQ-5D-5L en een visuele analoge schaal, de EQ-5D. Het beschrijvende gedeelte omvat vijf dimensies (mobiliteit, zelfzorg, dagelijkse activiteiten, pijn en ongemak, en angst en depressie) met elk vijf antwoordcategorieën (variërend van geen probleem tot extreme problemen).
EQ-5D score
Aan de hand van de resultaten van de EQ-5D vragenlijst wordt een globale score gevormd. De score varieert tussen 0 en 1: 0 vertegenwoordigt de dood, 1 is de beste mogelijke gezondheid. Een negatieve score is mogelijk, indien een individu zijn gezondheidstoestand als erger dan de dood inschat.
Gezondheidsgerelateerde levenskwaliteit
De gezondheidsgerelateerde levenskwaliteit is de persoonlijke beoordeling van de levenstoestand van een individu in de context van de cultuur en het waardesysteem waarin de persoon zich bevindt en in relatie met zijn levensdoelen, verwachtingen, normen en zijn bezorgdheid. Het is een breed concept dat op een complexe manier wordt beïnvloed door de fysieke gezondheid van de persoon, zijn psychologische staat, zijn onafhankelijkheidsniveau, zijn sociale relaties en alsook zijn relatie met de essentiële elementen van zijn omgeving.
Prevalentie van (zeer) goede subjectieve gezondheid
Percentage van de bevolking dat zijn gezondheid als goed of zeer goed beoordeelt.
Subjectieve gezondheid
Subjectieve gezondheid is de subjectieve beoordeling van een individu zijn persoonlijke gezondheidstoestand. Bij het beantwoorden van de vraag: ‘Hoe is uw algemene gezondheidstoestand?’ hebben de respondenten de keuze uit volgende vijf antwoordcategorieën: zeer goed, goed, redelijk, slecht of zeer slecht.

Referenties

  1. World Health Organization, Measuring Quality of Life. http://www.who.int/healthinfo/survey/whoqol-qualityoflife/en/
  2. EuroQol Five Dimensions Questionnaire. https://euroqol.org/
  3. Gezondheidsenquête, Sciensano, 1997-2013. https://his.wiv-isp.be/nl/Gedeelde%20%20documenten/SH_NL_2013.pdf
  4. OESO Gezondheidsgegevens, 2004-2016. http://stats.oecd.org/